Welkom op de website van de
Still Going Strong Cricket Club

 

Commissie Senioren Onderlinge:
-  geen actuele berichten.

Contactcommissie  winterevenementen:

-  Op zaterdag 3 maart 2012 gaan wij eerst wandelen door de Jordaan in Amsterdam onder
    leiding van gidsen om hierna een bezoek te brengen aan het Anne Frank Huis.

Overleden:
Jørgen Morild (30-01-2012)

Arie Westerink (19 juli 2011)

Wedstrijdsecretariaat:
-  geen actuele berichten.

Toercommissie:

-  Oproep tot deelname aan het 3 Landentournooi 2012

Ziekenboeg:
Ayoub Doekhie
(14 januari)

Golfcommissie:
-  geen actuele berichten.

Andere zaken die extra aandacht verdienen:
Crickettour Cyprus 2/11-11/11/2012
er is een nieuwe bijdrage aan Verhalen uit "De oude doos" van Ben Teeuwisse (20 januari)
-  er is een pagina toegevoegd aan "Nieuws-diversen":
Nieuws uit Rwanda (12 januari)
-  Nieuwste
KNCB Nieuwsbrief (
24 januari)

Heugelijk nieuws:
geen actuele berichten

  
Als documenten die u kunt downloaden van deze website niet kunnen worden geopend heeft u nog geen PDF-Reader op uw computer geïnstalleerd.
De officiële PDF-Reader kunt u gratis downloaden bij de website van Adobe. Klik hiervoor op het plaatje links van deze tekst. (PDF = Portable Document File)
.

Crickettour naar Cyprus 2 tot en met 11 november 2012

Ga HIER naar de gegevens en om de belangstelling kenbaar te maken.


SGS'ers kom je in allerlei functies tegen

Het is bekend dat SGS'ers hun activiteiten vaak niet alleen beperken tot Still Going Strong CC.
Veel SGS'ers zijn ook actief als bondsumpire maar ook in K.N.C.B. Bestuur en de vele K.N.C.B.-commissies kom je ze tegen.

Op 26 januari 2012 werd afscheid genomen van drie zeer actieve leden van de Tuchtcommissie.

Shyam Tewarie was erg lang voorzitter en vervulde deze functie op uitstekende wijze. Naast zijn drukke internationale werkkring wist hij altijd voldoende tijd vrij te maken voor het werk van de tuchtcommissie. Veel moeilijke beslissingen nam hij als voorzitter en hij kon uitstekend omgaan met emoties tijdens de zittingen. Natuurlijk overwicht en een heldere kijk op belangrijke zaken leidden ertoe dat hij groot respect verwierf binnen de Nederlandse cricketwereld. Na een periode van 9 jaar bleef Shyam op verzoek van de overige commissieleden nog een jaartje aan, maar toen was het echt afscheid nemen.

Roelof Kruijshoop moest in zijn eerste jaren vanuit Hengelo Ov. vlak bij de Duitse grens vaak naar Den Haag reizen om de zittingen bij te wonen, die toen plaatsvonden in het clubhuis van HCC. Hij moest nog veel leren op het gebied van juridische zaken. Nadat de uitstekende secretaris Robert Vermeulen afscheid had genomen en de nieuwe secretaris vaak niet aanwezig kon zijn, vervulde hij de functie van plaatsvervangend secretaris en nam hij de regie over van het maken van de uitspraken en de organisatie van de zittingen. Ook was Roelof actief bij het verbeteren van de organisatie binnen de tuchtcommissie en het verbeteren van het Tuchtreglement, daarbij geholpen door W.P. Boers, Roeland Buijze en de andere commissieleden. Na zes jaar vond Roelof het lang genoeg en was de organisatie binnen de tuchtcommissie goed gestructureerd.

Jeroen Oskam, de zoon van ons oud-lid Cor Oskam, heeft in de tuchtcommissie gezeten van 2007 t/m 2010. Hij was een goede jurist en kon zich goed inleven in de zaken. Ook kon Jeroen goed "helicopteren", waardoor de uitspraken in kwaliteit wonnen. Hij stopt na het cricketseizoen 2011.

 

Het afscheid was door Duco Ohm georganiseerd bij het bekende "Wapen van Bunnik". Als dank ontvangen beide heren een prachtig KNCB-horloge dat hun werd aangeboden door Ton van Huut (uitstekende speech) en de nieuwe voorzitter van de Tuchtcommisse, Gir Jairam. Natuurlijk werd er ook uitstekend gedineerd.

 

Jeroen Oskam kon helaas op deze avond niet komen. Ook Jeroen bedankt!


WIE O WIE KAN ONS HELPEN AAN DE ONTBREKENDE NAMEN, DAN WEL ONZE TWIJFELS WEGNEMEN ALS ER EEN NAAM STAAT MET EEN VRAAGTEKEN ERACHTER, VOOR HET GEMAK ZIJN ZE GEEL GEMARKEERD

Staand v.l.n.r.:  1. Hans van Everdingen (vrz. VOC), 2. I. van Herwaarden. 3. C.A. Lobry de Bruyn, 4.???, 5. Joop Uiterwaal , 6. A.F.H. Lobry de Bryun, 7.Dolf v.d.Ende , 8. Jan Offerman, 9. F. Konert ??, 10. Aad Roos, 11. Met pet ??, 12. Piet van der Wolf, 13. Guust Nolet, 14. Jopie de Bruin, 15.H.Th. Chabot, 16. Frans Kramer Sr., 17. J.A. van Santwijk, 18. ??? , 19. G. Kappelhoff, 20. Roel Senus,

Zittend v.l.n.r.: 21. Piet Freni, 22 Jaap Lantinga, 23. Gerrie Stallman, 24. Frits Meijer

Graag de ontbrekende namen doorgeven aan Maarten Ingelse (e-mail adres secretaris @ sgs-cricket.nl : spaties voor en na @ verwijderen)

Zie ook" Verhalen uit de "Oude Doos"


Hello Duco and thank you SGS ! (see also page "Nieuws-diversen")

I am sorry that this has taken so long to get to you. The Christmas and New Year period has been very hectic with visits to the UK and having old firends staying with us for a holiday. With 5 session of training last weekend I am now getting back into cricket mode!)

The attached photos give perhaps some idea of what I found in Rwanda. There is ONE pitch (artificial) and designated cricket ground. It does have a net area but the pitch, the practice net and the outfield are not good. The pitch plays OK but the mat is coming up around the edges and the backfoot delivery point is a hole! I was asked to do a groundsman's report for the Rwanda Cricket Association in which I recommended several low cost (or no cost) actions. There is a league of 8 teams based around Kigali as that is where the only ground and pitch are situated. Cricket is played elsewhere but mostly with rubber or plastic balls. Some hard ball cricket is played on bare clay areas, usually on football pitches.

Despite all of this, there was tremendous enthusiasm for the game, both from men and women (girls actually). Children loved the tip and run forms of cricket and at the universities, students enjoyed playing a more organised game with recognisable cricket skills. The CWB charity has now trained over 30 coaches to a Level 1 standard.

What they do lack is equipment and organisation. Donations such as that from SGS and from the Cricket Without Boundaries Charity will help with equipment. The CWB and the ICC (Africa) are working closely with the Rwanda Cricket Association to help them improve their organisation. There is great potential for cricket to grow and improve in Rwanda.

I plan to visit again in the Autumn as I will be too busy working on the pitches at Kampong to be able to visit in the Spring. I will get the items that you have kindly donated over to the UK so that they can travel with the Spring group.

Many thanks again for the support from friends at SGS.

Kind Regards,
Mike Ferrant (published 12.01.2012)

Fotopresentatie met de foto's uit Rwanda


Actuele berichten over zieke - en overleden leden (ga voor het volledige bericht naar "Speciale contacten met leden")
Informatie hierover a.u.b. vlot doorgeven aan onze voorzitter en aan onze secretaris, zodat hieraan tijdig de juiste aandacht kan worden gegeven.
De berichten zijn van Duco Ohm en Maarten Ingelse. Stuur een kaartje als teken van belangstelling c.q. medeleven !

Jørgen Morild overleden op 30 januari 2012

Uit Denemarken ontvingen wij het bericht dat ‘good old’ Jørgen Morild is overleden op 87-jarige leeftijd.

Jørgen - oprichter van de Dansk XL CC - was jarenlang hun voorzitter en werd bij zijn afscheid tot hun erevoorzitter benoemd. Een man met een geweldige staat van dienst voor het Deense cricket in het algemeen en voor de Dansk XL in het bijzonder.
In 1979 werd hem gevraagd lid te worden van SGS hetgeen deze sympathieke Deen graag accepteerde. Hij was hij een trouwe deelnemer aan en later bezoeker van de drielandentoernooien. Zijn grootste vrienden waren wijlen Peter Hargreaves en Louis de Bruin en onze Engels leden Bill Reader en Mike Wicks.
Vanwege een slechter wordende gezondheid kon hij de laatste toernooien niet meer bijwonen maar schreef toch steeds een welkomstwoord als wij in Denemarken speelden.

Net als aan zijn broer Axel zullen wij ook aan hem goede herinneringen bewaren.
Rust in vrede Jørgen.

Duco Ohm - 31.01.2012

Ayoub Doekhie heeft wéér tegenslag

Vandaag heb ik met Heleen Doekhie gesproken die mij vertelde dat er weer tegenslag is en dat haar Ayoub de komende week een hartoperatie zal moeten ondergaan. Ayoub en Heleen zijn ons SGS-ers erg dankbaar voor de vele kaarten die er gestuurd zijn: ons medeleven heeft hen goed gedaan. Of ik namens de gehele familie SGS wil bedanken !

De genoemde operatie vindt vermoedelijk a.s. donderdag plaats. Ik krijg dan de afdeling te horen en zal die ook op onze site plaatsen met het verzoek hem wederom d.m.v. een kaart beterschap een algeheel herstel te wensen.

 Liever geen bezoek na die operatie – Ayoub heeft veel rust nodig. SGS leeft mee met ‘meester’ en zijn familie en hoopt oprecht dat hij na deze operatie spoedig en goed zal herstellen. Duco 14.1.2012


Verhalen uit "De Oude Doos” (in het hoofdmenu links is de uitgebreide pagina opgenomen)

Binnen onze vereniging is gezien onze leeftijdsopbouw (nog) een schat aan informatie aanwezig over cricket in de achter ons liggende jaren en bij de echt ouderen onder ons zelfs terug tot in de 30tiger jaren.

Wij hebben een website waar wij trots op kunnen zijn en een site die ook ruimte voor uitbreiding heeft. Ik opperde het idee om naast de traditionele informatie ook een rubriek op te starten, “de oude doos”, waarin wij die van de ouderen verkregen informatie zouden kunnen publiceren en bewaren voor latere generaties.

Zie de webpagina met alle verhalen. Er is een grote gloednieuwe bijdrage van Ben Teeuwisse

Nieuw op 30 januari 2012 zijn twee foto's. Elftalfoto Australië 1957 bij hun trip naar Nederland en een scorekaart van de wedstrijd bij Rood en Wit!
Beide ontvangen van Rob de Haas.

-------------------------------------

Verhalen uit de oude doos van Ton Balk

Mijn vader werd omstreeks 1910 lid van A.F.C.. De dochtervereniging A.C.C. werd in 1921 opgericht, ik in 1927.
Een en ander leidde er toe dat ik vóór en in de oorlog regelmatig met mijn vader op de zondagen op de sportvelden aan de Zuidelijke Wandelweg aanwezig was. A.C.C. speelde ’s zomers op het “Tweede Veld” van de voetbalclub. Achter het derde veld stond aanvankelijk de cricketkooi waar ik de cracks van A.C.C. kon zien oefenen. Mannen als vader en zoon Piet Sanders, de topvoetballer en cricket allrounder Charles Lungen, Dick de Baare, Wally van Weelde, Lou van Kranendonk, de broers Immig en Prent, Willem Staats en nog een heleboel anderen. Dat alles onder het toeziend oog van terreinknecht Dirk en zijn altijd lawaai makend werkpaard, die samen de terreinen in orde moesten houden.
Dat was vaak moeilijk in de maand mei. De voetballers en cricketers wilden dan tegelijkertijd het Tweede Veld bezetten en bovendien moest in het voorjaar het dikwijls afgetrapte, voor een deel zwart geworden veld worden omgetoverd tot een aanvaardbare cricketground. Maar gelukkig konden wij het veld van de Twentse Bank gebruiken als reserveveld.

In 1941 werd ik lid van A.C.C..
Eerder was ik al als scorer bezig. De toenmalige gezaghebbende voorzitter van de N.D.C.B. ( Nederlandsche Dames Cricket Bond ), mevrouw Sabelson, had mij niet zonder bijbedoelingen vertrouwd gemaakt met de geheimen van het scoringboek.
Ook had ik toen al een verleden in de cricketstad Schiedam door logeerpartijen bij mijn neef Victor. We speelden daar cricket met tennisballen en zelfgemaakte bats met jongens uit de buurt op door de crisisjaren ongebruikt gebleven bouwterreintjes. Hoogtepunten waren natuurlijk de bezoeken van wedstrijden op het toenmalige veld van Hermes D.V.S. Er werd daar vanwege de geringe omvang van het veld van één kant gebowled en de zessen vlogen nog al eens hoog tegen de gevels van de huizen van de Damlaan.

In de oorlogsjaren waren er voor mij verschillende mogelijkheden om te cricketen. De eerste was natuurlijk het juniorenteam op woensdagmiddag. Alle leeftijden tot 18 jaar bij elkaar. Ik speelde toen met de broers Van Weelde, Schatens, Van der Hurk, met Pierre Eskes, Hans Schooneveldt, George Zeegers, Herbert Kuyper, Wim Feldmann, Fred van Soomeren en vele anderen. Onze belangrijkste concurrent was meestal Cr.I.C. met o.a. Ben Teeuwisse, Ad Kooyman, Ton Santen, Bert van der Heijden, Fons Pelser, Lou van Adrichem, Frans van der Liet, Piet van Outersterp, Berry Nooy, Ton de Haan, de gebroeders Schoordijk en Klinkhamer, enz.
Samengevat: altijd spannende wedstrijden! Hoogtepunten van het jaar waren de toen ook al plaats vindende Flamingo Juniores toernooien. A.C.C. was daarbij steeds van de partij.
De Amsterdamse Cricket Bond organiseerde voor de zaterdagmiddagen een competitie waaraan behalve teams van V.R.A., V.V.V., Cr.I.C. en A.C.C. z.g. kantoorelftallen meededen. Ik herinner me de teams Amsterda ( Amsterdamse Bank ), Robaver ( Rotterdamse Bank ), Deneba ( Nederlandse Bank ), Twentse Bank, Nehamij ( Nederlandse Handel Maatschappij ), K.N.S.M., Rood Zwart ( Gemeente Amsterdam ) en P.S.Z. ( Personeel Sociale Zaken ).
Bij A.C.C. werd het elftal het “Heerenteam” genoemd. Het stond geruime tijd onder leiding van Mr. Fred Sabelson ( tevens onze voorzitter ). Meestal kwam een aantal Heeren niet opdagen. Dan stonden altijd juniores klaar om in te vallen. En als dat niet lukte kon je vaak ook wel bij de tegenpartij invallen. Een bijzondere cricketcompetitie voor “amateurs” . De A.C.C.-wedstrijden werden meestal op uitvoerige en originele manier beschreven in de voortreffelijke “A.C.C.-pitch” ( redacteur Mr. Arnold Eysvogel ). De auteur onder de naam “Arend” was jarenlang medespeler Arie Waayer.
Ook voor de zondagen gold dat je als junior-speler dikwijls op het laatste moment een invallersplaats kon innemen. Als je wilde was het dus wel mogelijk om drie maal per week te cricketen!

Intussen was het eerste elftal van A.C.C. na een kampioenschap in de Overgangsklasse in 1939 gepromoveerd naar de hoogste cricketafdeling. In 1940 volgde opnieuw een kampioenschap, ditmaal van een in verband met de oorlogsomstandigheden georganiseerde “noodcompetitie”. Ik herinner me wedstrijden in dat jaar met topprestaties van de bowlers vader Piet Sanders ( spinnende legbreaks afgewisseld met pittige offbraeks ) en zoon Piet Sanders ( constante fastbowler op of net buiten de off stump – met minstens 4 man in de slips natuurlijk ). Dikwijls bowlden zij unchanged. Dat mocht toen nog. Mede daardoor waren de totalen aanzienlijk lager dan nu. Een overwinning “met innings” was toen ook nog regelmatig aan de orde. Andere tijden dus.
Een lange periode van topprestaties van het sterke A.C.C.1 was toen aan de gang. Minder sterke spelers als Ton Balk moesten het zoeken in het tweede of derde elftal. Dat gebeurde overigens met veel plezier. Ik speelde onder captains als Lou Woudstra Sr., Piet Sanders Sr., Dick Disselkoen, Piet Nauta, Dick Van Gemen en Jan Hendriks. Later volgde voor mij A.C.C.4 waar ik gedurende 15 jaar captain mocht zijn van het z.g. opleidingselftal. De formule daarvan was 3 of 4 ouderen met 7 of 8 jongens “in opleiding”. Tot de ouderen behoorden o.a. Harry Scheepstra, Pim Schatens, Karel Prior, Ton de Haan, Ernst Offerman en Max de Bruin Sr..

Om volledig te zijn over mijn cricketverleden moet ik nog melding maken van de wedstrijdenseries ( kort na de oorlog ) van teams van studenten van de verschillende universiteiten. Het Amsterdamse studententeam stond onder leiding van Harry Peschar. Ik mocht als jongerejaars de secretarisfunctie van het team vervullen. Ook speelde ik in die tijd wedstrijden in het touringteam “The Grubbers”. Voornamelijk leden van Kampong deden daar aan mee. Ik denk aan de broers De Waard ( 3x ), Van Esveld ( 2x ), Hardebol ( 2x ), Henk de Ruiter, Frank Kramer en Loet Clarenburg. Wij reisden in die tijd verschillende keren helemaal naar Tilburg, Breda, Nijmegen, Arnhem, Deventer en Enschede. Buitenlandse trips waren toen nog niet aan bod.
Op mijn 50ste stopte ik als actief cricketer. Daarvoor in de plaats: umpiren en kijken naar de prestaties van de zonen Roelof en Jan, dikwijls zorgvuldig geregistreerd door scoorster dochter Marleen.

Van groot belang voor een “loopbaan” als cricketer zijn natuurlijk degenen die het organisatorisch mogelijk maken.
Bij A.C.C. speelde op dat vlak vanaf de jaren ’30 lange tijd Willem Staats een belangrijke rol. Vooral in de oorlogsjaren -- geen invoer van materiaal uit Engeland - moest bijvoorbeeld veel worden gedaan aan reparatie van bats, legguards, handschoenen, enz. . Dat gebeurde in de wintermaanden in zijn etablissement op het Rembrandtplein, waar al het cricketmateriaal in een fraaie ruimte op één hoog met uitzicht op het toen rustige plein was opgeslagen. Wij werden als jongens ingeschakeld om hem daarbij te helpen. Wellicht in relatie met mijn ervaringen daarmee werd ik in 1948 als commissaris van materiaal in het bestuur van A.C.C. opgenomen. Dat duurde maar één jaar. Militaire dienst maakte er een einde aan.
Ook mocht ik in die tijd secretaris Eysvogel in het bij hem thuis – Valeriusstraat 6 – gevestigde advocatenkantoor helpen bij het noteren van de jaarprestaties van de elftallen. In een groot boek werd alles met de hand genoteerd. En daarna de gemiddelden uitrekenen!

Heel wat jaren later, het was inmiddels 1988, werd me gevraagd om penningmeester te worden van de K.N.C.B.. Dat had kennelijk te maken met het feit dat ik toen mijn werk in een aanverwant beroep net had afgerond. Het werd voor mij na een moeilijk begin met “lijken in de kast” een uiterst plezierige aangelegenheid in een bijzonder professioneel werkend bestuur onder leiding van Steven van Hoogstraten. Ook de contacten met de Financiële Commissie van de K.N.C.B. onder leiding van Harry Peschar heb ik erg positief gevonden.
Een belangrijk evenement in die jaren was het organiseren van het I.C.C.-toernooi in Nederland met veel landenteams. Dat liep, ondanks nog al wat trammelant met het I.C.C.-bestuur, uitstekend, vooral dankzij de “projectleider” van dat toernooi, Jan Wilts. Tijdens het slotdiner in de Pieterskerk in Leiden deed zich een probleempje voor. Doordat verschillende deelnemers met twee maaltijden aan de haal gingen bleken de laatste tafels het zonder te moeten stellen. Het kostte de nodige moeite om een aanvaarbare oplossing te vinden!
In 1993 kwam er een einde aan mijn penningmeesterschap. Door problemen met de opvolging werd ik in 1994 gevraagd opnieuw penningmeester te worden. Ik heb dat toen niet gedaan maar ik heb wel nog weer vijf jaar het financiële werk van het bestuur gedaan. Dat was dankzij de hulp van Alex de la Mar en Tecla Wilts, ondanks de toenemende bureaucratisering in de subsidieregelgeving door NOC/NSF en het desbetreffende ministerie, opnieuw een plezierige aangelegenheid.

Ton Balk, januari 2012